Een pot Nutella als graadmeter

Het zal ergens in januari zijn geweest. In elke supermarkt stonden displays van Nutella met reclame voor ‘Maak nu je eigen pot!’. Niet iets nieuws en ook zeker niet iets dat mij aanspreekt, maar dit keer pakte ik een pot omdat het me wel handig leek voor het geval ik eens geen ander broodbeleg in huis heb en het stond nu zo binnen handbereik…

Nutella

Eenmaal thuis dacht ik iets heel anders: “Oh nee! Wat heb ik gedaan? Als dat maar goed gaat!”. Ik zette de pot achterin de kast en vergat dat ik hem had. Zodanig goed zelfs dat ik af en toe in de supermarkt al bij de kassa stond en bedacht “Oh wacht, ik heb geen broodbeleg meer in huis!”. Het waren die momenten die mij leerden dat er iets is veranderd in mijn hoofd. Iets positiefs wel te verstaan.

In mijn tienertijd kreeg ik voor het eerst te maken met het verschijnsel depressief zijn, al is het destijds niet als zodanig benoemd (voor zover ik me nu kan herinneren). Hoewel het krijgen van een kunstheup een einde maakte aan het hebben van ontzettend veel pijn bracht het voor mij ingrijpende beperkingen met zich mee: mijn hobby’s gym en paardrijden waren niet langer mogelijk. Op school lag ik al niet zo lekker in de groep en raakte ik verder geïsoleerd. Alles bij elkaar vormde dit het startschot voor een ongezonde verstandhouding met eten. Want wat er ook gebeurde, hoe verdrietig of alleen ik me ook voelde: eten was er altijd voor me.

Het leidde onvermijdelijk tot een stijging van mijn gewicht en er volgden heel wat pogingen daar wat aan te doen. De een met meer succes dan de ander en met hoogte- en dieptepunten. Het diepste dieptepunt bereikte ik in de zomer van 2013, maar terwijl ik daar langzaam uitkrabbelde lukte het om mijn gewicht stabiel te houden. En hoewel ik de eerste ben om te erkennen dat het beter zou zijn als ik lichter zou zijn, vind ik het veel belangrijker om niet meer aan te komen. Door tevreden te zijn met hoe de situatie is en samen te werken met mijn lijf ben ik veel meer ontspannen dan wanneer ik er tegen vecht. En soms? Soms geeft de weegschaal dan opeens een wat lager gewicht aan.

‘Vroeger’ ging een pot Nutella in een paar dagen leeg nadat ik de folie eraf had gehaald. Niet omdat ik het zo dik op mijn boterham smeer, maar ‘lepeltje hier, lepeltje daar’. ‘Foute’ etenswaren lagen nooit lang in de kast. Als ze daar al terecht kwamen. Toch ligt er al sinds december een zak chocoladekruidnoten onaangebroken in de kast en gooide ik dit voorjaar een zak paaseitjes van twee jaar oud weg omdat ik ze niet lekker vond. En dat is eigenlijk de kern van wat er is veranderd: in plaats van maar tegen heug en meug volstouwen, eet ik nu alleen wat ik lekker vind en stop ik als ik genoeg heb gehad. Grappig om te merken daarbij is dat ik steeds meer dingen niet langer lekker vind (bijvoorbeeld chocoladekruidnoten (gekregen) en paaseitjes). Dat is heerlijk rustig.

En die Nutella? Die maakte ik uiteindelijk toch open. Omdat ik brood had ontdooid en toen ontdekte dat ik geen ‘gezonder’ broodbeleg meer in huis had. *inkoopfail* Dat waar ik na aankoop bang voor was, is niet gebeurd. Af en toe eet ik een boterham met Nutella, maar ik voel geen enkele behoefte om hem leeg te lepelen.

2 gedachten over “Een pot Nutella als graadmeter”

Reacties zijn altijd welkom!