Geen wonder!

Picture this: ik zit bij de opticien te wachten tot ik aan de beurt ben om even wat aan mijn bril te laten verbuigen. Het ding drukt een gat in mijn neus.

Omdat er een stel voor mij is, zij nog wel even zoet lijken te zijn en ik al een aardig stukje heb gelopen vanaf de auto ga ik er bij zitten. De man van het stel ziet mijn kruk en vraagt “Je knie?” (is weer eens wat anders dan “Wat is er met je voet?”, “Op wintersport geweest?” en weet ik veel wat voor creatiefs ik de afgelopen jaren al naar mn hoofd heb gekregen). Ik reageer, beleefd als ik ben, met een glimlachje en “Nee, mijn heup”. “Oh joh! HD?” (Voor de leken: hd = heupdysplasie, de afwijking waar ik mee geboren ben). Ik antwoord van ja en hij begint meteen te vertellen dat zijn kinderen dat ook hadden en dat die na een spreidbroekje gewoon helemaal ‘genezen’ waren. “Geen wonder!” verder lezen

Beter een goede buur…

Sinds september / oktober zijn er hier in de wijk werkzaamheden: in alle straten moet de drainage vervangen worden. Een pittige klus die naar verwachting tot eind maart zou gaan duren. Elke straat zou gedurende twee à drie weken worden open gebroken om dit te doen. Bij slecht weer (sneeuw, regen, temperaturen onder nul) zouden de werkzaamheden tijdelijk worden stilgelegd. Gelukkig ging het niet straat voor straat, maar in meerdere werkvakken tegelijk. Op de website van de aannemer plaatste men elke week nieuwe kaartjes over waar ze aan het werk zijn en wat de nieuwe routes om de wijk in en uit te komen zijn (niet onhandig want er zijn maar 2 straten waar auto’s de wijk kunnen verlaten). “Beter een goede buur…” verder lezen

‘Even bijpraten’

Van de week was ik even bij de huisarts. Voor een verwijzing en om, zoals zij het noemt, even bij te praten. Want dat vindt ze belangrijk. Dat ik af en toe bij haar langs kom om haar op de hoogte te houden van hoe het met mij gaat. “Het is belangrijk dat je het gevoel hebt dat wij je begrijpen en dat je hier terecht kunt met al je vragen.” Ja ja mensen. Mooi he?

De vorige keer dat we bijgepraat hebben, vertelde ik haar over de ontwikkelingen wat betreft lopen en fietsen. Dat ik met heel kleine stapjes vooruit ging en dat de rolstoel in huis gebruiken echt niet meer nodig was. Dat vond ze (natuurlijk) fantastisch om te horen. En ze moedigde aan om vooral op deze manier, voorzichtig en met kleine stapjes, door te gaan. Wat ik deed. En nog steeds doe. Ware het niet dat het nu even een paar weken wat minder gaat. Kan gebeuren en zolang ik niet opgeef is er niets aan de hand en dan trekt het vanzelf wel weer bij. Is mijn motto en herhaal ik honderd keer per dag om de moed niet te verliezen. “‘Even bijpraten’” verder lezen

Stom

Plannen. Ik had er veel. Niets groots. Niets wilds. Gewoon een logisch vervolg op de vooruitgang van de afgelopen maanden. Een volgende stap.

Maar ze staan in de ijskast. Want al drie weken dwingt mijn lijf me tot een innige relatie met de bank. Af en toe zitten, maar liever plat op mijn rug of op mijn zij. En zelfs dan is er continu veel pijn. In eerste instantie enkel in mijn onderrug. Inmiddels vooral in mijn bovenrug en mijn heup (die laatste doordat ik hem verdraaide toen ik twee weken geleden even snel in de auto wilde stappen). “Stom” verder lezen

Even een dingetje…

Stel je voor. Het is 0 graden. Het sneeuwt. Hard. In no time ligt er een dun laagje wit poeder op de weg en is het spekglad.

Automobilisten rijden maximaal 30 kilometer per uur en rotondes gaan in kruiptempo. Iedereen houdt ruim afstand van zijn voorganger om voldoende ruimte te hebben om problemen op te vangen. Ook bij het stoplicht blijft men op grotere afstand staan van de auto voor ze, voor het geval er iemand achterop komt. Wegrijden bij datzelfde stoplicht is nog een hele uitdaging, want de weg loopt een beetje omhoog en het is zo glad dat je alle kanten op glijdt. “Even een dingetje…” verder lezen